Tekst Jos Verdonk | Beeld Sandra Hoogeboom

Emily Kocken (1963) studeerde filosofie aan de Vrije Universiteit en is beeldend kunstenaar, celliste en cellodocent. Daarnaast is ze schrijver. In maart verscheen haar derde roman Lalalanding. Voor de research van dat boek verbleef ze tweemaal enkele maanden in Parijs. De wereldwijde pandemie maakte maart vorig jaar een eind aan haar tweede verblijf in de lichtstad. “President Macron hield een speech op televisie. Alles ging dicht toen en ik kon niks meer. Ik hoefde niet weg te gaan maar wilde toen graag thuis zijn, bij mijn echtgenoot.”

Het is niet eenvoudig uit te leggen waar het poëtische en lichtvoetige Lalalanding over gaat. Het is een Parijse geschiedenis over een arm gezin en een delicate, want wel heel warme relatie tussen een broer en een zus. Hoofdpersoon is Jean Rodin, die dezelfde achternaam heeft als de beroemde beeldhouwer Auguste, een naam die af en toe opduikt in het verhaal. Het ‘slimpie uit de sloppen’ Jean werkt op de lampenfabriek van Monsieur Emmanuel Lumière. Daar raakt hij betrokken bij een ongeval waarbij zijn vriend en collega André Vérité omkomt. Of is het geen ongeluk? Dan spelen ook nog al dan niet verdwijnende letters een belangrijke rol in deze geschiedenis.

In Lalalanding is het Parijs en nog eens Parijs wat de klok slaat. “Mensen hebben allemaal een eigen beeld van die stad. In mijn boek heb ik het Parijs geschreven van de ansichtkaarten. Dat heb ik als schrijver bewust gedaan. Het café La Renaissance dat in het boek voorkomt bestaat echt, maar andere dingen heb ik veranderd. Ik heb veel onderzoek gedaan naar de wijk Monmartre, want je moet weten waar je in je verhaal van de werkelijkheid afwijkt.”

Een ander element uit Lalalanding is de waargebeurde geschiedenis van l’Inconnu de la Seine (de Onbekende in de Seine). “Aan het einde van de negentiende eeuw is het lichaam van een meisje in de Seine gevonden. Van haar gezicht is toen een dodenmasker gemaakt dat heel bekend is geworden. Er is nooit achterhaald wie ze was, maar het romantische verhaal werd in de jaren daarna omarmd door allerlei kunstenaars en schrijvers. Odilette Rodin, het zusje van Jean, voelt zich zeer aan haar verwant en is ervan overtuigd dat zij de Inconnu is.”

De vrij compacte roman Lalalanding was oorspronkelijk een stuk langer. “In een eerdere versie kwam Odilette in een Parijs ziekenhuis terecht. Toen ik dat had geschreven, merkte ik dat het ritme van dat verhaal niet goed was. Dat is zo’n beslissing die je neemt tijdens het schrijven. ik ben toen de tekst gaan herschikken. De afloop van Lalalanding is uiteindelijk anders geworden en nu is het ritme wel goed. Ik heb geluisterd naar wat het boek zelf wil en voor mij was dit het enige goede einde. Toen ik net klaar was, bedacht ik dat ik over Odilette nog een klein boekje zou willen maken.”

Emily Kocken werkte in totaal zo’n drie jaar aan Lalalanding. “Als schrijver heb ik een lange weg afgelegd. Je moet kilometers maken en dan verhalen opsturen naar literaire tijdschriften. Ik zat op de Schrijversvakschool en ik ben na anderhalf jaar gestopt omdat ik dacht – dat klinkt misschien stom – dat ze me niets meer konden leren. Ik zat eerst bij een andere uitgeverij, maar ben daar uiteindelijk weggegaan omdat het niet klikte. Het moment was nog te vroeg om te publiceren.”

Voor Amsterdamse schrijvers die van zins zijn een al dan niet Franse roman te schrijven heeft Emily Kocken nog wat adviezen. “Verwacht niet dat je een boek in een keer schrijft. Elke zin die hier in staat, heb ik wel dertig keer herschreven, en dat moet je leuk vinden hè? Wat mij altijd daarbij helpt, is om je zinnen hardop te lezen. Bij mij gaat het er om hoe het klinkt. De titel Lalalanding was in het begin voor mij vooral een klank, een taalgrapje.”

UIT: LALALANDING 

Een kattenmepper heeft zijn karretje laten staan, en je nieuwsgierigheid laat je dichterbij komen en spontaan aan de kont van het karretje snuffelen, geen slot, zie maar, niets hangt er, het karretje ziet eruit als een doodskist op wagenwielen, die meppers timmeren maar wat in elkaar, en miauwkreetjes ontsnappen aan de luchtgaatjes in de deksel, ze ruiken je, Jean, de zieltjes, putain, stomme kattenmepper, hij vraagt erom, en je rukt aan het handvat.

Je wacht.

Het metaal zit vol krasjes. Naast de twee uiteinden heeft iemand geprobeerd grote schroeven in kleine gaatjes… enfin, iets is niet goed gegaan, je bent niet gek. Het slotje dat openhangt glimt, gesleten door de handen van mislukte pogingen.

Had die idioot de boel afgesloten, zoals je van hem mag verwachten, het is zijn werk tenslotte, dan was het je niet gelukt de katjes te bevrijden, want door een kort, onnozel rukje laat je ze ontsnappen, de lieve, oude zwervertjes.

Emily Kocken – Lalalanding

Querido €20,-

 

 

advertentie Regenboog Groep

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here