Ru Paré laat armen zelf aan het woord

Ru Paré is wars van de armoede-industrie

0
147

Samen sta je sterker, dat is het uitgangspunt van de Ru Paré Community . “We proberen iets te doen aan sociale onrechtvaardigheid”, zegt Hans Krikke, initiatiefnemer van de community in Slotervaart.

Ru Paré trok 17 december 2014 in de voormalige gelijknamige basisschool aan de Chris Lebeaustraat. De community bestaat uit actieve buurtbewoners en bewonersorganisaties, verenigd in stichting ‘Samen wonen, samen leven’. De stichting wil  zoveel mogelijk onafhankelijk zijn van overheid en subsidies, omdat ze dan haar eigen agenda kan volgen. Bovendien: als de overheid de subsidiekraan dichtdraait, kunnen de bewoners hun activiteiten toch voortzetten.

De voormalige school bevat een Huis van de Wijk, De Buurtzaak, waar activiteiten plaatsvinden, van bingo tot muziek en taallessen. Maar het grootste deel van het voormalige schoolgebouw, zo’n 2.500 m2, bestaat uit ruimten die kunnen worden verhuurd. De opbrengst daarvan vloeit naar de stichting, die daarmee het gebouw onderhoudt. “Dit gebouw was compleet uitgewoond,” zegt Krikke. “Zo hebben we de afgelopen jaren al 1,3 miljoen in het gebouw gestoken.” Maar ten minste zo belangrijk: met de opbrengst uit huur worden bijeenkomsten en debatten gefinancierd, zoals over armoede.

Geen cliënten

Ru Paré wil armen zelf aan het woord laten. Dat is niet altijd zo gemakkelijk als het lijkt, want veel armen zijn lamgeslagen en hebben niet altijd de energie om voor zichzelf op te komen; soms schamen ze zich voor hun armoede. Onterecht, vinden ze bij Ru Paré: “Wij zijn een community. Je krijgt bij ons een complimentje, maar zo nodig ook een schop onder je kont. We zien mensen niet als cliënt of patiënt; voor ons is iedereen deelnemer. Je kunt gebruik maken van onze faciliteiten, zodat je bij ons je verjaardag kunt vieren als je geen geld hebt. We hebben een noodfondsje, waarop je een beroep kunt doen als alle andere mogelijkheden zijn uitgeput.”

Maar dat werkt alleen op basis van wederkerigheid. Je neemt niet alleen, je geeft ook. Krikke: “Je hebt misschien geen geld, maar je hebt wèl een talent. Je kunt meehelpen dit gebouw te beheren, of koffie, thee en lunch serveren wanneer we een ruimte verhuren voor een bijeenkomst. Of je kunt meedoen met de catering.”

Overlevingsstand

Krikke begrijpt goed wat het met je doet als je langdurig in armoede moet leven. “Door armoede zit je voortdurend in de overlevingsstand. Arm zijn, is hard werken om je kop boven water te houden. Je hebt vaak niet de energie, de spirit en het vertrouwen om solidair te zijn met je lotgenoten. Daarvoor is in je hoofd geen ruimte. Kortom, als je in een slecht huis met schimmel woont, last hebt van burenoverlast, geen sociaal netwerk hebt en de taal niet machtig bent, dan zit je diep in de shit.”

Maar waar ze bij Ru Pare niets van hebben moeten, is slachtoffergedrag. “Mensen die langdurig in armoede leven, vertonen nog wel eens slachtoffergedrag of ze houden hun hand op. Ze doen, zoals wij dat altijd noemen, aan claimen (ik heb hier recht op), klagen (ik ben slachtoffer) en klooien (ik weet niet zo goed wat ik moet doen). Wij hebben daar niet zo veel mee op, maar het kost tijd om dat af te leren. We kunnen je helpen, met een netwerk of een training, maar we vragen je wel je in te zetten voor de gemeenschap. “Voor ons gaat het om solidariteit. Solidariteit zonder wederkerigheid is lucht.”

Armoede-industrie

Waar Krikke ook niets van hebben moet, is wat hij ‘de armoede-industrie’ noemt. “Wij hebben een broertje dood aan klantmanagers en andere mensen die de ander tot cliënt of klant degraderen.”
Maar het is toch fijn dat er mensen zijn die jouw uitkering regelen, sputteren we tegen. “Ja, maar daarvoor heb je geen klantmanagers nodig. Als je iemand tot klant bestempelt, krijg je ook klantgedrag terug. Het idee is: jij hebt een probleem en dat moet je oplossen. Maar wij vinden dat de samenleving een probleem heeft; armoede is het resultaat van uitsluiting.”

Het moge duidelijk zijn dat Krikke in de kracht van het collectief gelooft. “Ik heb nog nooit iemand getroffen die in zijn eentje vrolijker, sterker en gezelliger wordt. Je hebt altijd een collectief nodig, dat zowel een vangnet als een springplank kan zijn. Je moet op steun kunnen rekenen, maar ook meedraaien.”

Ervaringsdeskundigen

Bij Ru Paré werken ze graag met ervaringdeskundigen. “We werken bijvoorbeeld samen met Home Empowerment, dat ervaring heeft met huiselijk geweld. Dat komt nog wel eens voor bij mensen die langdurig in armoede verkeren. Zij werken met ervaringskennis, dus mensen die zich er uit hebben geknokt. En die hun inzicht èn ervaring delen met mensen die zich uit dat huiselijke geweld aan het knokken zijn. Daarnaast geven we ook taalles aan mensen die de taal niet machtig zijn. Niet omdat het hun eigen schuld zou zijn, maar omdat je wilt voorkomen dat mensen worden uitgesloten omdat ze de taal niet machtig zijn.”

De ‘armoede-industrie’, met professionals die komen en gaan, biedt volgens hem geen soelaas.  “Projectje hier, projectje daar, dat schiet allemaal niet op. Het enige wat helpt, is het organiseren van solidariteit. We hebben hier programma’s waar mensen in kunnen stappen om even tot rust te komen. Mensen kunnen hier meehelpen om evenementen te organiseren. Daar krijgen ze niet alleen een financiële vergoeding voor, maar zo bouwen ze ook een sociaal netwerk op. Het één leidt tot het ander, want de volgende keer zit je hier om computerles te volgen, zodat je kunt Facebooken of internetbankieren. Zo maak je kleine stapjes. Ook al zit je in de shit, je kunt meer dan je denkt, als je je maar in een collectief verband verbindt.”

Op dinsdag 10 december (Internationale Dag van de Mensenrechten) vindt in buurtcentrum Ru Paré, Chris Lebeaustraat 4, een armoedebijeenkomst plaats. Aanvang 20.00 uur.

 

 

 

 

advertentie Regenboog Groep

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here