Emine Uğur: Blind vertrouwen

0
917

Gastcolumn

door Emine Uğur

Ik was erbij toen mijn zus in 2011 een verzoek kreeg van de FIOD om allerlei papieren in te leveren, omdat het gastouderbureau waarvan zij gebruikmaakte, werd onderzocht voor mogelijke malafide zaken. Komend uit een gezin waar we allemaal ambtenaren zijn, ik destijds bij de Sociale Dienst als inkomensconsulent en zij als handhaver bij de fraudeafdeling van diezelfde Sociale Dienst, twijfelden we geen moment aan de bedoelingen van het onderzoek of de overheidsinstantie erachter.

Ik was erbij toen ze een brief kreeg dat ze wegens fraude 70.000 euro terug moest betalen aan de Belastingdienst voor de Kinderopvangtoeslag. Ik was erbij toen we alle documenten talloze keren bestudeerden om te kijken waar zo’n besluit op kon zijn gebaseerd, overtuigd als we waren dat het op een fout moest berusten, want mijn zus was nota bene zelf handhaver van beroep en was als persoon ook nog eens zo integer als iemand maar kan zijn, dus hoezo fraude?

Ik was erbij toen ze wekenlang wakker lag voor het bezwaar en hoe ze met alle verslagenheid van de wereld naar huis kwam van de rechtbank, toen ze ook het beroep had verloren. Ik was erbij toen ze jarenlang met buikpijn naar werk ging, in de angst dat onze werkgever ervan op de hoogte gebracht zou worden en ze haar baan zou kwijtraken. Want wie gaat je geloven als de Belastingdienst je beschuldigt van fraude en zelfs de rechtbank hen in het gelijk heeft gesteld? Ik was erbij toen zij en haar gezin jarenlang in armoede leefden, ondanks twee fulltime werkende, goed verdienende ouders. Ik was erbij toen het gezin eraan onderdoor ging en er een scheiding volgde. Ik was erbij toen ze mij vroeg geen nieuwsberichten meer naar haar te sturen, toen de eerste berichten naar buiten kwamen over het toeslagenschandaal, “Afpakjesdag” en de etnische profilering erachter. Want weten dat je onterecht bent beschuldigd van fraude is één ding, weten dat het geen administratieve fout was, maar dat er kwade opzet en racistische en classicistische motieven achter zaten, was net een stap te pijnlijk voor haar.

De hardvochtigheid en het wantrouwen jegens de burger waarmee onze overheid doordrenkt is geraakt en het blinde vertrouwen in elkaar van overheidsinstanties onderling, maakte dat elk onderdeel van het proces de fout van de voorganger voortzette, als een estafettestok die werd doorgegeven.

Wat overbleef toen de stof neerdaalde, was de volgende realiteit: wanneer degene die jou rechtsbescherming hoort te bieden degene is die jouw rechten schendt en je schade toebrengt, heb je niemand meer tot wie je je kunt wenden.

En een overheid die de rechten van haar burgers schendt, zaagt aan de fundamenten van haar rechtsstaat, als een slang die haar eigen staart aan het eten is.

Emine Uğur werkt in de sociale dienstverlening en schrijft columns.

 

advertentie Regenboog Groep

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in