Het gaat goed met Amsterdam, concludeert het bureau voor Onderzoek, Informatie & Statistiek (OIS) in zijn jaarrapport De Staat van de Stad. Economisch gaat het veel Amsterdammers voor de wind, al geeft OIS toe dat lang niet iedereen profiteert. Een derde geeft aan moeite te hebben met rondkomen. Vergeleken met een jaar eerder is het aantal armen zelfs toegenomen.

Het rapport De Staat van de Stad kwam half september uit en geeft weer hoe de stad er in 2017 bij lag, met soms wat recentere data. In 2017 telde Amsterdam 86.600 huishoudens (oftewel zo’n 137.500 personen) die rond moesten zien te komen van een inkomen tot 120% van het Wettelijk Sociaal Minimum (WSM). Dat komt neer op minder dan €1.962 bruto per maand voor gehuwden/samenwonenden en €1.443 voor een alleenstaande (peil 2019).

In procenten komt het aantal minima neer op 21% van de Amsterdammers, oftewel net geen kwart. Dat is een stijging ten opzichte van een jaar eerder, zo blijkt als de Kerncijfers Armoede van vorig jaar ernaast worden gelegd. OIS meldde in juli 2018: ‘18% van de Amsterdamse huishoudens behoorde in 2016 tot de minima: zij hebben een huishoudinkomen tot 120% van het wettelijk sociaal minimum (WSM) en hebben weinig vermogen.’ Op het hoogtepunt van de nieuwe Gouden Eeuw is het percentage armen dus met maar liefs 3 punten gestegen in één jaar tijd. Dat belooft wat als de alweer aangekondigde economische crisis – dankzij onder meer Trump, Brexit en milieuverontreiniging – doorzet.

Afgaand op wat Amsterdammers zelf melden, ligt het armoedecijfer feitelijk nog een stuk hoger. Een derde van de Amsterdammers geeft aan moeite te hebben met rondkomen. Dat is dus fors meer dan de 21% ‘officiële’ minima. Vooral eenoudergezinnen, laagopgeleiden en stadsbewoners met een niet-westerse achtergrond – meer dan de helft, aldus OIS – kunnen moeilijk rondkomen.

Schulden

Dat ruim een derde van alle Amsterdammers moeite heeft met rondkomen, terwijl een deel daarvan toch meer verdient dan 120% van het WSM, is niet vreemd. De stad is nu eenmaal duur. Om te beginnen liggen de huren in Amsterdam hoger dan in de rest van het land; in de particuliere verhuur ligt de huurprijs op gemiddeld €824,- per maand. De voorraad sociale huurwoningen (bezit corporaties, tot de liberalisatiegrens van €720,-) nam de afgelopen 25 jaar af. En ook lokale lasten kunnen fors uitpakken voor wie geen recht heeft op kwijtschelding en bijvoorbeeld voor zijn werk een auto nodig heeft of vaak met het openbaar vervoer reist.

Ongeveer een kwart (23%) van de volwassenen geeft aan schulden te hebben. Opvallend is het hoge aantal jongeren (18-34 jaar) met schulden: 34%. Dat percentage lijkt zelfs aan de optimistische kant. Budgetadviesbureau Nibud meldt dat alleen al van de mbo’ers 37% een schuld heeft. Dat jongeren steeds vaker en sneller schulden opbouwen, is mede te danken aan het studieleenstelsel.

Ruim 23.300 Amsterdammers zijn aangemeld in het kader van het ‘vroeg signaleren van schulden’ (Vroeg Eropaf en Eropaf). Er waren 8.200 Amsterdammers in de reguliere schuldhulpverlening, waarvan er 3.783 zijn ingestroomd in 2018.

Armoede neemt toe ondanks ver-yupping

De armste stadsdelen blijven Noord, Zuidoost en Nieuw-West. In die stadsdelen is de ‘leefsituatie’ relatief ongunstig, aldus OIS. In Volewijck, Bijlmer-Centrum en Slotermeer- Noordoost hebben huishoudens het minst te besteden. Wel signaleren de onderzoekers ‘recent meer groei naar elkaar toe doordat er vooruitgang is in een aantal laag scorende stadsdelen’. Een voor de hand liggende verklaring is dat ook in die stadsdelen veel woningen zijn verkocht en er dure huurwoningen zijn bijgekomen. Dat leidt tot ver-yupping van voorheen arme buurten als Bos en Lommer.

De achterstand van Amsterdammers zonder betaald werk op hen die wel betaald werk hebben, blijft onveranderd groot. Arbeidsongeschikten en langdurig zieken verkeren in de meest belabberde positie. Ook Amsterdammers met een niet-westerse achtergrond zijn gemiddeld slechter af, net als 55-plussers. Overigens kwamen de meeste immigranten in 2017 overigens uit het Verenigd Koninkrijk, India en de Verenigde Staten.

Arm zonder uitkering

De stijgende armoede vertaalt zich niet in een groei van het aantal uitkeringen. Integendeel, 23.000 Amsterdammers waren in 2018 werkloos (4,8% van de beroepsbevolking). Dit aandeel daalt sinds 2014. Daarmee corresponderend daalde het aantal werkloosheidsuitkeringen (WW) tot ruim 14.500 begin 2019. Dit komt neer op 2,3% van de beroepsbevolking. Het aantal bijstanders bleef vrij constant op 6,6% van de bevolking.

Met veel Amsterdammers gaat het financieel prima. Vooral voor paren, met of zonder kinderen, biedt Amsterdam volop perspectief. De economie ontwikkelt zich gunstiger dan landelijk en het aantal banen groeit sterk, vooral in de toeristische sector. Paren met kinderen gingen er ten opzichte van 2004 het meest op vooruit. Amsterdamse huishoudens hadden in 2017 gemiddeld €39.000 te besteden. Dit is 16% meer dan in 2012. Vooral gezinnen met kinderen gingen er op vooruit. Amsterdammers verdienen gemiddeld iets meer dan het Nederlands gemiddelde. Ze houden daar gemiddeld wel een stuk minder van over. Amsterdamse huishoudens hebben een doorsnee vermogen van €6.200, terwijl de gemiddelde Nederlander €28.300 op zijn spaarrekening heeft staan.

Steeds meer Amsterdammers vertrekken

Een recordaantal Amsterdammers liet de stad in 2018 achter zich: 47.000. Dat is bij elkaar opgeteld al een kleine gemeente. De woningnood en de hoge (ver-)koopprijzen van woningen spelen hierbij ongetwijfeld een rol, naast factoren als toenemende drukte en het feit dat Amsterdam almaar duurder wordt.

Toch overstijgt het aantal nieuwkomers nog steeds het aantal mensen dat de stad voor gezien houdt. OIS verwacht dat Amsterdam doorgroeit van nu bijna 863.000 inwoners tot één miljoen in 2032.

Het hele rapport lezen? Download hier de pdf.

advertentie Regenboog Groep

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here